Catechese 2e Zondag na Pasen: Zie daar uw Moeder, Maria van Guadalupe

Maria van Guadalupe

Inleiding

Van 8-12 december 1531 verscheen Maria vier keer aan Diego op de heuvel Tepeyac waar nu de stad Mexico is en stelde zich onder andere voor als moeder van de mensen en sprak een Indiaan aan als zoon. Tevens ontstonden er tussen moeder en zoon hele gesprekken die hier zo letterlijk mogelijk overgenomen zijn om zo Maria als moeder zo goed mogelijk te leren kennen. Hoewel de letterlijke vertaling naar het Nederlands van nu uit de Azteekse taal van 1531 moeilijk is, is het toch zinvol zoveel mogelijk letterlijk te vertalen van wat Maria zei over wie ze is, wat ze wil en wat ze komt doen. Ze heeft een plan. De gesprekken die ze voert met ziener Diego zijn lang in vergelijking met haar woorden in de bijbel opgetekend en ze zijn intiem. Want hier gaat zichtbaar en hoorbaar in vervulling wat Christus aan het kruis zei tegen Maria: “Zie daar uw zoon” en tegen Johannes en al de mensen van goede wil: “zie daar uw moeder”.

Eerste verschijning

Maria wil als Moeder van de inheemse bevolking van Mexico een kerk opdat zij daar tot haar kunnen bidden. En ze vraagt Diego om daarvoor naar de bisschop te gaan

Een van de weinig bekeerde indianen, een eenvoudige 57-jarige man, gedoopt met de naam Juan Diego, liep langs de heuvel Tepeyac om naar de kerk te gaan waar hij regelmatig naar toe ging voor de H. Mis. Bij deze heuvel werd hij naar boven geroepen door een vrouwenstem. Hij zag een jonge vrouw met een indiaans uiterlijk en gekleed als een Azteekse prinses. Hij ging naar de vrouw toe en er ontstond een gesprek in de taal van de indiaan, een van de oorspronkelijke inwoners van Mexico, iemand van het kort daarvoor door de Spanjaarden veroverde rijk van de Azteken.

Maria sprak: “Juan, de nederigste van mijn zonen, waar ga je heen?” Hij antwoordde: “Mevrouw ik ga naar uw kerk in Mexico, om de goddelijke zaken te volgen die onze priesters afgezanten van God ons leren.” Maria sprak vervolgens: “Weet en begrijp goed, jij, de nederigste van mijn zonen, dat ik: de Heilige Maria altijd maagd ben, Moeder van de ware God waarvoor we leven, de Schepper van alles, Heer van hemel en aarde. Ik wens dat hier gauw een kerk* wordt gebouwd, zodat ik daarin mijn liefde, medelijden, hulp en bescherming kan laten zien en geven. Want ik ben jouw barmhartige moeder, voor jou en voor alle inwoners van dit land en voor allen die mij liefhebben, aanroepen en op mij vertrouwen. Ik wil daar luisteren naar al hun klaagzangen, en hun ellende, leed en verdriet verlichten. Om te bereiken wat mijn welwillendheid beoogt, ga naar het bisschoppelijk paleis van Mexico en zeg de bisschop dat ik mijn grote verlangen laat zien, dat hier op deze plek een kerk voor mij gebouwd zal worden. Vertel hem nauwkeurig wat je hebt gezien, bewonderd en gehoord. Wees ervan verzekerd dat ik je dankbaar zal zijn en je zal belonen, want ik zal je gelukkig maken en je een waardige beloning schenken voor de inspanning en vermoeidheid die je hebt getoond in wat ik je heb toe vertrouwd. Zie, je hebt mijn opdracht gehoord, mijn nederige zoon; ga en doe je uiterste best.” (Vergelijk de verschijning van Maria in Banneux (België, 1933). Ook daar vroeg Maria om een kapel. Ook daar stelde ze zich voor als de Moeder van God. Ook daar beloofde ze het lijden, de zieken te verlichten).

Juan Diego boog en zei: “Mevrouw ik zal doen wat u vraagt. Nu neem ik, uw nederige dienaar, afscheid.” En hij ging op weg naar Mexico-Stad. Juan Diego deed alles wat Maria vroeg. Hij ging naar de bisschop. Maar als eenvoudige indiaan werd hij door de curie niet gemakkelijk toegang verleend. En toen hij na uren wachten eindelijk de bisschop te spreken kreeg geloofde deze de eenvoudige indiaan niet. De bisschop, als plaatselijk hoogste vertegenwoordiger van de Rooms Katholieke kerk zei tegen de indiaan dat hij maar een andere keer terug moest komen.

Tweede verschijning

Maria vraagt Diego en geen ander voor hem in de plaats opnieuw naar de bisschop te gaan om te vragen om een kerk voor haar te bouwen

Diezelfde dag, zaterdag, keerde hij terug naar de heuvel Tepeyac. Daar ontmoette hij Maria opnieuw en vertelde haar dat de bisschop hem niet geloofde. Diego had tegenstand bij de vervulling van zijn opdracht van Maria ondervonden en het leek hem beter dat een ander, in menselijke ogen iemand meer aanzien, de opdracht zou vervullen, want hij was maar een eenvoudig man. Hoewel Maria dat zou kunnen doen zendt ze hem opnieuw, ze heeft hem de opdracht gegeven en dat wijzigt niet. Diego brengt er dan niets meer tegenin, vertrouwt op Maria en gehoorzaamt. 

Maria antwoordde: “Luister, mijn nederigste zoon, je moet begrijpen dat ik veel dienaren en boodschappers heb die ik de overbrenging van mijn boodschap en de uitvoering van mijn wens moet toevertrouwen, maar het is van groot belang dat je zelf verzoekt en helpt en dat mijn wens door jouw bemiddeling wordt vervuld. Ik smeek u ernstig, mijn nederigste zoon, en beveel u streng: ga morgen opnieuw naar de bisschop. Je gaat in mijn naam en maakt mijn wens bekend dat hij moet starten met de bouw van een kerk op de plek die ik vraag. En zeg hem opnieuw dat ik, de Heilige Maria altijd maagd, moeder van God jou persoonlijk gezonden heb.”

Juan Diego antwoordde: “Mevrouw, laat mij u geen leed berokkenen. Ik zal graag en gewillig uw opdracht uitvoeren. In geen geval zal ik nalatig zijn, want de opdracht is zelfs niet moeilijk. Ik zal gaan zoals u wenst, maar misschien zal er met tegenzin naar mij worden geluisterd, of als men mij hoort dan zal men mij niet geloven. Morgenmiddag bij zonsondergang zal ik terugkomen en kom u het antwoord van de prelaat op uw boodschap brengen.”

Derde verschijning

Maria beloofd een teken te geven aan de bisschop die Diego, haar afgezant niet geloofd

De volgende dag, zondag, ging Diego na de H. Mis, voor de tweede keer naar de bisschop. Na weer lang wachten, Diego moest wel over geduld en doorzettingsvermogen beschikken, vertelde hij nogmaals over de verschijning van OL Vrouw. De bisschop stelde veel vragen maar geloofde Diego niet en vroeg hem om bewijs te leveren dat hij werkelijk door OL Vrouw gezonden was. Toen Diego wegging stuurde hij twee leden van de curie achter hem aan om hem te volgen. Die twee raakten Diego kwijt en omdat ze zich daarvoor schaamden logen ze de bisschop voor dat die Diego maar praatjes verkondigde, dat er niets van waar bleek te zijn. Menselijkerwijze gesproken weer een hindernis om de boodschap van Maria door te laten klinken binnen de kerk. Juan Diego ging naar de heuvel Tepeyac en vertelde Maria dat de bisschop een teken verlangde voordat hij in Maria en haar verzoek geloofde.

Maria zei: “Goed zo, mijn kleine dierbare, morgen zul je hier terugkeren, zodat je aan de bisschop het teken kunt brengen dat hij heeft gevraagd. Met dit teken zal hij je geloven, en hierin zal hij niet twijfelen aan jou noch achterdochtig zijn; en weet, mijn kleine dierbare, dat ik je nauwgezetheid, je inspanningen en moeite omwille van mij zal belonen. Zie, ga nu. Morgen zal ik hier op je wachten.”

Maria geeft Diego een compliment dat hij gehoorzaam weer naar de bisschop was gegaan en ze zegt zelfs dat ze zijn inspanningen die hij voor haar deed zal belonen. Maria maakt de bisschop geen verwijt, maar ze zal opnieuw hetzelfde verzoek aan hem doen en opnieuw via dezelfde gezant.

Vierde verschijning

Diego ontvangt het teken van Maria voor de bisschop die dan gelooft

Maar de volgende morgen, maandag leek het plan van Maria om gauw een kerk te laten bouwen even uitgesteld te gaan worden. Juan Diego ging niet naar Maria en niet naar de bisschop omdat zijn oom op sterven lag. Diego zorgde voor zijn oom en had een dokter gehaald. Maar niets hielp en daarom vroeg zijn oom of Diego de volgende dag een priester wilde gaan halen uit Mexico stad voor het H. Oliesel of Sacrament van de zieken.

De volgende dag, dinsdag 12 december, wilde Diego een priester halen opdat die de laatste sacramenten zou toedienen aan zijn oom die op sterven lag. Daarom wilde hij Maria ontlopen en omdat hij weer langs de berg Tepeyak moest besloot hij via de andere kant van de heuvel te gaan. Maar hij zag Maria van de top van de heuvel, waar ze elkaar voorheen ontmoet hadden, afdalen.  Maria week niet af van haar plan en kwam naar hem toe. En er ontstond het volgende intieme gesprek, een praktisch voorbeeld van het vervullen van haar moederschap die Jezus op het kruis aan haar gegeven had toen Hij wijzend op de apostel Johannes tegen Maria zei: “zie daar uw zoon”.

Maria kwam naar hem toe en sprak: “Wat is er, mijn zoon? Waar ga je heen?”

Diego boog diep voor haar. Hij groette haar en zette uiteen waarom hij vond dat hij even geen gehoor moest geven aan de oproep van Maria en zei: “Mevrouw, God geve dat u tevreden bent. Hoe gaat het deze morgen met u? Ik ga u verdriet geven. Weet dat een dienaar van u zeer ziek is, mijn oom. Hij heeft de pest gekregen en is bijna dood. Ik haast mij naar uw huis in Mexico om een van uw priesters te halen, geliefd door onze Heer, om zijn biecht te horen en hem de absolutie te geven. Maar ik zal hier spoedig terugkeren, zodat ik daarna uw boodschap aan de bisschop kan brengen. Mevrouw vergeef mij, wees even geduldig met mij.  Ik zal u niet bedriegen. Morgen zal ik zo snel mogelijk komen.” Maar Maria vroeg een onvoorwaardelijk geloof en gehoorzaamheid aan haar, niets is belangrijker dan dat.

Maria zei: “luister naar mij en begrijp me goed mijn zoon, niets zou je bang of verdrietig moeten maken. Laat je hart niet verontrust zijn. Wees niet bang voor die ziekte en ook niet voor andere ziektes of doodsangst. Ben ik, je moeder niet? Sta je niet onder mijn bescherming? Ben ik niet de bron van jouw welzijn? Ben je niet gelukkig met al degenen die ik ter bescherming onder mijn mantel genomen heb? Wat wil je nog meer? Treur niet en raak niet van streek door wat dan ook. Laat je niet door de ziekte van je oom kwellen, die er nu niet aan zal sterven. Wees ervan verzekerd dat hij nu genezen is.”

Diego was gehoorzaam aan OL Vrouw en vertrouwde de zorg van zijn oom aan haar toe. Zijn oom was op dat moment ook daadwerkelijk geheel genezen, zoals de hoge ambtenaar uit Kafarnaüm die geloofde dat Jezus op afstand zijn ernstig zieke zoon genezen had hetgeen ook zo was. Diego was door de woorden van Maria, een gesprek tussen een moeder en haar zoon, enorm getroost. Hij vroeg of hij weg mocht om naar de bisschop te gaan om hem een teken of bewijs te geven waardoor hij hem zou geloven. Maria beval hem daarop eerst naar de top van de heuvel te gaan waar ze elkaar eerder hadden ontmoet.

Ze zei tegen hem: “Klim naar de top van de heuvel mijn zoon, daar waar jij mij zag en waar ik jou orders gaf, daar zal je verschillende bloemen aantreffen. Pluk ze, verzamel ze, breng ze samen, kom dan terug en breng ze naar mij toe.”

Onmiddellijk klom hij naar boven en toen hij de top van de heuvel bereikt had was hij verbaasd dat er door een wonder zoveel soorten prachtige rozen bloeiden, lang voordat ze in knop zouden komen. Buiten het seizoen zouden ze bevriezen. Onmiddellijk ging hij ze plukken en legde ze in zijn tilma (mantel) en bracht ze naar Maria.

Maria nam de bloemen in haar hand en plaatste ze opnieuw in de tilma en zei: “Deze diversiteit aan rozen is het bewijs en het teken dat je naar de bisschop moet brengen. Je zult hem in mijn naam vertellen dat hij hierdoor overtuigd dient te zijn van mijn wens en dat hij deze dient te vervullen. Jij bent mijn volkomen betrouwbare afgevaardigde. Ik gelast je dat je alleen in de aanwezigheid van de bisschop je mantel mag open slaan en onthullen wat je draagt. Je zult alles goed vertellen; je zult vertellen dat ik je opgedragen heb om naar de top van de heuvel te klimmen om bloemen te plukken; en alles vertellen wat je zag en bewonderde om de prelaat ertoe te bewegen zijn steun te verlenen aan de bouw van een kerk zoals ik heb gevraagd.”

Diego ging voor de derde keer naar de bisschop, voorzichtig de bloemen in zijn tilma dragend. De huishouding van de bisschop wilde hem geen toestemming verlenen naar de bisschop te gaan, ze lieten hem lang wachten en toen ze in de gaten kregen dat hij iets onder zijn tilma droeg, dwongen ze hem de bloemen te laten zien. Omdat het prachtige bloemen waren wilden ze die pakken. Maar dat lukte op de een of andere manier niet. De bloemen leken niet echt, ze leken geschilderd op de tilma of iets dergelijks. Vanwege deze bijzondere bloemen en vanwege het eindeloos geduldig wachten van Diego gingen ze naar de bisschop om hem hierover te vertellen. De bisschop realiseerde zich dat die bloemen het bewijs waren waarom hij Diego had gevraagd. Onmiddellijk liet hij Diego komen. Die vertelde hem het hele verhaal en de wens van Maria. Hij zei: “Mijn heer, ik heb gedaan wat u mij opgedragen hebt, ik ben gegaan naar mijn Moeder (de heilige Diego noemt haar zijn moeder zoals Christus aan het kruis tegen Johannes en via hem tegen de andere gedoopte gelovigen over Maria zei: “Zie daar uw moeder”), de Vrouw uit de hemel, de Heilige Maria, Moeder van God, en gezegd dat u om een teken gevraagd hebt opdat u mij zou geloven dat u een tempel moet bouwen waar zij om vroeg.” Diego opende zijn tilma met de bloemen die toen op de grond vielen.  Maar toen hij dat deed verscheen op die tilma de kostbare afbeelding van de Heilige Maria altijd maagd, Moeder van God, dezelfde afbeelding die tot op de dag van vandaag bewaard wordt in de kerk van Guadalupe. Toen de bisschop de afbeelding zag knielde hij direct en vol bewondering neer. De bisschop bad om omdat hij niet aan haar wens en verzoek voldaan had. Hij nam vervolgens de tilma met afbeelding van Diego af en hing die tilma in zijn kapel. Daarna vroeg hij hem de plaats te laten zien waar de vrouw uit de hemel de tempel wenste.

Vijfde verschijning

Maria verscheen aan de oom van Diego, genas deze en vertelde hem onder welke naam ze bekend wilde worden

Toen Diego naar zijn oom ging zag hij dat deze volkomen genezen was. Zijn oom vertelde dat hij Maria op dezelfde manier gezien had als Diego, namelijk als een jonge inheemse zwangere vrouw, en dat ze hem vertelde dat ze Diego naar Mexico stad gestuurd had om de bisschop te zien. Maria vroeg ook aan de oom om aan de bisschop te vertellen wat die gezien had en hoe hij op wonderbare wijze door haar genezen was. En ze vroeg om de sacrale afbeelding van haar op de tilma op juiste wijze aan te duiden en te kennen, namelijk als de altijd-maagdelijke Heilige Maria van Guadalupe. Guadalupe betekent in de Azteekse moedertaal: Degene die de slang verpletterd. Dat verwijst naar de bijbeltekst van Genesis 3,15 waar de slang voor satan staat die door Maria, de nieuwe Eva, wordt vertrapt. De oom van Diego was naar de bisschop gebracht en hij had getuigd van alles wat hij had meegemaakt. Daarop stichtte de bisschop een kerk op de plaats die Maria aangewezen had.

De sacrale afbeelding van Maria van Guadelupe werd door de bisschop naar de hoofd kerk gebracht zodat de mensen die konden zien en bewonderen. De hele stad was in grote beroering en de mensen kwamen om de sacrale afbeelding te zien en te bewonderen en erbij te bidden.

Afbeelding van Maria op de tilma

Maria was verschenen als een van de Azteken, het indianenvolk dat de oorspronkelijke bevolking van Mexico was, Maria was verschenen “als een van hun”. Behalve een boodschap in woorden begrepen de indianen ook de boodschappen die Maria wilde geven met de manier waarop ze verschenen was en hoe ze eruit zag. Zon en maan waren goden voor deze indianen, maar Maria stond voor de zon en lichtte uit zichzelf veel meer op dan deze hemellichamen. Zij stond op de maan, verpletterde die als het ware zoals zij ook de kop van de slang, de duivel zou verpletteren. Deze manier van verschijnen is conform de beschrijving volgens het Bijbelboek Openbaring 12, 1: “En er verscheen een groot teken in de hemel:een vrouw, bekleed met de zon, ende maan was onder haar voeten enop haar hoofd een kroon van twaalf sterren.”.

Het symbool van de satan, de slang was ook het algemene symbool van de Azteken. Daarmee decoreerden ze hun tempels. In die tempels vonden jaarlijks duizenden mensenoffer plaats aan de afgoden. Op satanische wijze werd daarbij het levende hart uit mensen gerukt. Hiermee drukte de oude slang zijn stempel op de samenleving (zoals met de miljoenen abortussen tegenwoordig, red). Maria stond boven op een heuvel die de indianen toegedeeld hadden aan een moeder-god. En zij verscheen als moeder, als zwangere vrouw wat te zien was aan haar haardracht, de wijze waarop ze een band of sjerp droeg en een bloemblad op de plek waar de baarmoeder zit. (Met haar verschijning van een moeder die zwanger was gaf Maria een boodschap van leven in een Azteeks rijk met een cultuur van de dood, red.). Haar manier van kijken, nederig en dienstbaar naar de grond betekende dat zij dienstbaar was aan God (de Dienstmaagd des Heren, red.). En door een belangrijke verbindingsknoop, die twee gewaden bovenaan bij elkaar hield, werd duidelijk welke aan God zij dienstbaar was: daarop stond het kruisteken, het teken van Onze Heer Jezus Christus. Tevens was Maria zwanger van Jezus. Zij zou Jezus naar de Azteken brengen. De Azteken zouden enkele jaren later zich massaal bekeren en Jezus ontvangen in hun hart.

Massale bekering

Ongeveer tien jaar eerder dan de verschijningen van Maria waren de Spanjaarden, na de ontdekking van Amerika door Columbus, in Mexico aangekomen onder leiding van veroveraar Hernán Cortés, of conquistador in het Spaans, die in zeer korte tijd het Azteekse rijk in Mexico veroverde. Hun doel was kolonisatie, rijkdom en macht te vergaren hetgeen op brute wijze gebeurde en ook het katholicisme te verspreiden. De verkondiging kwam op deze wijze niet goed van de grond.

Maria had bij de bruiloft van Kana het initiatief genomen en tegen Jezus gezegd: “Ze hebben geen wijn meer”. Bij de Azteken had ze geconstateerd: de inheemse bevolking heeft geen ware God meer. Na de heerschappij van satan volgde na Maria’s verschijningen de heerschappij van God.

Op de heuvel Tepeyak werd een kerk gebouwd zoals Maria gevraagd had. Daarin kwam ook de Tilma met de afbeelding van Maria te hangen. Het wonder van de bloemen, de genezing van de oom van Diego, de wonderbare verschijningen van Maria en de zichtbare nalatenschap van haar met een afbeelding op de tilma, maakten veel indruk op de inheemse bevolking. Binnen tien jaar waren er miljoenen bekeringen van de inheemse bevolking en lieten zes miljoen indianen zich dopen. Nog steeds wordt Maria van Guadeloupe vereerd in Mexico stand. Er is inmiddels een hele grote kathedraal gebouwd waar jaarlijks miljoenen pelgrims komen.