Broeders en zusters, in het stukje evangelie van vandaag komt drie keer het zinnetje voor: “een korte tijd en gij zult Mij niet meer zien; en weer een korte tijd en gij zult Mij terugzien.” Korte tijd voor zijn sterven en verrijzen zegt Jezus dit tegen zijn leerlingen. Jezus bedoelt daarmee ook zijn sterven en verrijzen. Dat dit hier drie keer herhaald wordt heeft als bedoeling dat het je ongeveer ingepeperd wordt. Want dit is immers de kern van ons geloof. Jezus sterft en verrijst. Jezus had het al vaker tegen zijn leerlingen gezegd: dat Hij de derde dag zou verrijzen en dat Hij de macht heeft om het leven weer terug te nemen. Omdat dit zo uitzonderlijk is, is het goed om het diverse keren vooraf aan te kondigen, opdat ze er zo goed mogelijk mee om zullen gaan. Uiteraard is dit ook een van de kernzinnen van de geloofsbelijdenis: Jezus….Die de derde dag verrezen is uit de doden. Goede vrijdag en de derde dag erna, Pasen, liggen al enige tijd achter ons en we kijken er nu op terug. Vandaag ligt de aandacht op wat Jezus zegt over wat het sterven en verrijzen zal doen met zijn leerlingen. “Gij zult bedroefd zijn, maar uw droefheid zal verkeren in vreugde,” zegt Jezus. Hij vergelijkt het met een vrouw die moeder gaat worden, die bedroefd is omdat haar uur is gekomen, maar zodra zij het kind ter wereld heeft gebracht, denkt zij niet meer aan haar pijnen, vanwege de blijdschap dat er een mens ter wereld is gekomen. En zo zit voor een cristen het leven vol met gebeurtenissen die weinig of veel verdriet geven en later blijdschap.
Aan de dood en verrijzenis van Jezus kunnen wij deelnemen door onze doop. De doop is een verrijzenis uit een tijdelijk en aards bestaan los van God, afgezonderd van God en leidend tot een eeuwig leven zonder God. Er zijn allerlei pleziertjes en verdovingen die tijdelijk genot geven, maar een echt vreugdevol leven is dat niet. Wil je met God leven, dan zul je na de doop, die een wedergeboorte is, een geboren worden binnen de gemeenschap met God, een geboren worden in een bovennatuur, ook op een bovennatuurlijke wijze naar de gebeurtenissen tijdens je hele leven moeten kijken. De gebeurtenissen moeten je: vreemd worden. Als een pelgrim moet je: daaraan voorbij gaan lezen we vandaag bij Sint Petrus. Je gaat immers ergens anders naar toe, naar de hemel en daarom moet je je niet vasthouden aan allerlei aardse zaken, maar daar letterlijk boven gaan staan. Dat is wel een strijd. Dat gaat niet vanzelf. Dat kan droefheid geven, pijn geven. Maar net als Jezus de pijn van de dood niet wegwuifde, maar het kruis op zich nam en de dood overwon, wordt ook aan ons gevraagd die kruizen en moeilijkheden op ons pad niet weg te wuiven maar op te nemen. Petrus noemt enkele moeilijke dingen. Allereerst de kuisheid. Het overwinnen van de vleselijke lusten, bekoringen. Die zijn een bedreiging voor je eigen ziel, zegt hij. Dus als een pelgrim aan die lusten voorbij gaan. Vreemd worden aan die vleselijke lusten. Niet wegwuiven, ze zijn er wel. Maar op weg gaan naar de verrijzenis, het godsrijk en de hemel en daar het oog op gericht houden. Concreet: seksualiteit blijft voor veel mensen een bekoring om te pakken precies zoals dat fijn lekker en prettig is, zoals zij het ervaren en wensen. Een christen echter wil op weg naar het godsrijk door heilig te leven. Dat is een leven van geven. Dus eerst zoekt een man een vrouw, trouwt met haar en heeft haar lief. In de onderlinge omgang hoort de seksualiteit. Hij omhelst zijn vrouw en heeft haar lief. In een liefdevolle gerichte omgang met haar laat hij zien dat hij om haar geeft. En dat geven heeft als gevolg genot en vreugde. Zo wordt het genot van de seksualiteit niet ontkent, maar een ervaring na het geven van zichzelf, een gericht zijn op de ander. Het genot wordt een gevolg, een ontvangen. Zo verrijkt het je ziel. En natuurlijk is zoiets wederzijds.
Petrus noemt een tweede moeilijkheid. Gehoorzaamheid aan gezag. Elke gezag komt van God, is nadrukkelijk de katholieke leer. De eerste gedachte die in je opkomt kan deze zijn: maar de overheid is tegenwoordig toch niet christelijk. Je kunt dan toch niet gehoorzamen aan een overheid of werkgever of leraar of iemand die als gezag boven je staat. Nee, is dezelfde katholieke leer, men moet God meer gehoorzamen dan de mens. En geef de keizer wat de keizer toekomt en God wat God toekomt. Maar het is ook niet zo dat je deze algemene formulering absoluut maakt en als je eigenlijk wel moet doen wat er gezegd wordt, maar dat je dat niet doet omdat je gehoorzamen nou eenmaal moeilijk vindt. Een mens is gesteld op zijn eigen mening. Tegenwoordig is het niet ín om je wat te laten gezeggen. Protesteren als je meent dat je tekort komt of als je je gelijk niet krijgt. Het maakt het besturen van een land onmogelijk als niemand zich schikt naar bestuursmaatrelen die een overheid nou een maal moet nemen.
Petrus schetst twee belangrijke deugden voor mensen die wedergeboren zijn in de doop en daarom handelen als wedergeborenen, als verloste mensen, losgemaakt van zonde en vastgemaakt aan onze Heer Jezus Christus, door de Heilige Geest. Petrus noemt kuisheid en gehoorzaamheid. Met de gehoorzaamheid gaat hij verder. Hij snijdt een derde bovennatuurlijke kwestie aan. Als een christen, verbonden aan Christus, door communie en gebed, als een christen gehoorzaam is, als hij respect toont tegenover een meerdere, voor hem bidt, achting heeft voor degene die hierarchisch boven hem staat, zelfs als die hem slecht behandelt, dan kan deze christen die gezaghebber helpen tot inkeer te komen als, zo noemt Petrus dat, als diegene “bezocht” wordt. Als Christus op zijn tijd deze persoon benadert, aanspreekt, inzicht geeft, zijn geest toegankelijk maakt voor het bovennatuurlijke, het ware, het schone en het blijvende. Zo’n gezaghebber zal dan zien dat de christen gelijk had en dat hij dat christelijke al voorgeleefd had. Niet iedereen zal zich bekeren, maar sommigen toch wel. Dat zal deze christen vreugde geven. Het bovennatuurlijke leven, het leven na doop en verrijzenis, geeft een innerlijke vreugde. Heel anders dan kortstondig genot en de kick van eigen gelijk gekregen hebben. De innerlijk vreugde kan geen mens afpakken, want die komt van God. Moge deze innerlijke vreugde en vrede groeien in deze paastijd.
Tafereel verrijzenis Christus in Maria Onbevlekt Ontvangen kerk Oss:
